Huiswerk maken met een wiebelaar

samen huiswerk maken

En dan ís het tijd om te leren en dan zít je er klaar voor om te helpen en dan zit die studiebol van je voortdurend te wiebelen, te draaien op z’n stoel en elke vlieg die voorbij komt is aanleiding om met iets anders bezig te zijn dan met het huiswerk, de opdracht of de lesstof.

Huiswerk maken met een wiebelaar

Herken jij jouw kind? Nou dan kan ik je misschien helpen, want ik heb zo’n kind en ik was zo’n kind. Ik spring nu nog vaak in discussies van de hak op de tak. Als ik ergens mee bezig ben is het eerste beste appje dat binnenkomt meteen aanleiding om iets anders te gaan doen. En dat is soms verrekte lastig als er een deadline is, als iets af moet of als je iets wil bereiken. Ik schreef er al eerder een blog over, maar deze keer wil ik graag tips & trics met je delen die mij ontzettend helpen als ik mijn kind begeleid bij het huiswerk maken. En dan heb ik het over die wiebelkont…

 

Want hoe pak je dat nou aan?

Hoe begeleid je een kind dat snel afgeleid is en moeilijk kan focussen met huiswerk maken. Vooropgesteld dat niet elke tip voor elk kind even goed werkt, deel ik alle tips en info die ik ken en aan jou de keuze welke hiervan toepasbaar zijn op jouw kind!

Om te beginnen is het goed je te realiseren dat deze kinderen hun lijf ZIJN. Ze doen dit dus niet expres of uit verveling of desinteresse, nee hun lijf doet dit zelf. Dit houdt echter niet in dat ze niet hun best kunnen doen om dit wiebelen even te beperken gedurende b.v. 20 minuten, dan even pauze en dan een taak waarbij ze iets meer kunnen bewegen met lichaam en geest, b.v. een opdracht maken, iets uitwerken, kleuren/tekenen of op de computer opzoeken.

  1. Maak het huiswerk inzichtelijk. Plannen is ook voor deze kinderen een must. Zo maak je voor hen inzichtelijk hoeveel werk er ligt en in welke stukjes je dit verdeelt. Dat verlaagt de werkdruk.
  2. Maak van studeren / huiswerk maken een routine. Daar houden ze van, dus zelfde plek, altijd pot thee erbij of een glas water. Al deze vaste dingetjes helpen je kind om in de leerstand te komen en het bevordert de routine-vorming. Plus, als je omgeving steeds dezelfde is, is er minder afleiding.
  3. Je kunt het werk ook nog eens verdelen in 3 kleuren:
    * rood: opperste concentratie vereist;
    * oranje: kan je kind zelf maar met jouw hulp; bewegen blijft mogelijk en
    * groen: kan je kind alleen; wiebel er maar op los, maar af binnen de (reële) afgesproken tijd.
  4. Als tijdsbesef lastig is, neem dan een kookwekkertje; liefst eentje dat niet te hard tikt en zet het in het zicht, maar buiten grijpafstand; want zo’n wekker kan reuze-interessant zijn.
  5. Maak concrete afspraken en leg duidelijk uit wat je van je kind verwacht als hij alleen aan de slag gaat; qua stof, productie en tijd.tangle_artist_delftsblauw-site
  6. Iets te friemelen: Een wiebelaar is er erg gebaat bij om tijdens het leren iets te friemelen in zijn hand te houden. Een voorbeeld hiervan is deze tangle, maar het kan ook een kneedgum zijn, of bolletje was of klei. Voordeel is dat ze toch wat beweging hebben, maar die beweging zich concentreert op een plek; voor jou én je kind prettig.
  7. Blauw helpt bij focussen: Wat ook helpt om te focussen is om onder het boek / schrift een grote bureau-onderlegger te leggen van 1 kleur. Liefst koningsblauw; ik zal je de details besparen maar deze kleur werkt heel goed en vergemakkelijkt de focus.
  8. Dek teveel informatie af: Als je kind moet leren en dus veel stof moet doorlezen dan helpt het om de rest van de stof af te dekken. Dus gewoon een A4-tje dubbelvouwen en als leeswijzer gebruiken.
  9. Een ritmische bezigheid houdt de aandacht erbij: wat ook kan helpen om de aandacht erbij houden is een ritmische bezigheid; mits deze bezigheid automatisch gaat. Als jouw kind goed kan breien dan zou het heel goed kunnen dat ze al breiend studeren. Breien is een ritmische beweging die ervoor zorgt dat ze minder snel afgeleid zijn en ze ook in een soort flow terecht komen. Dat bevordert de concentratie en de spanningsboog zal groter zijn.
  10. Bewegen tijdens het overhoren: Wat ook goed werkt bij bijvoorbeeld het overhoren van woordjes of stof is het kind laten bewegen; laat ze bv met een bal spelen, met stick & bal, of laat hem/haar onder het afvragen op een balansbord staan. Werkt super!
  11. Gebruik ter afwisseling ook de pc. Voor deze kinderen is het een uitkomst. Ik ben zelf niet zo’n voorstander van computergebruik, maar het is voor deze kids een heerlijke afwisseling. Ze vinden pc’s interessant én het kost hun minder moeite dan de concentratie die er nodig is bij het schrijven. Via de site www.wrts.nl kunnen er zo woordjes geleerd worden. Maar kijk ook of je ze iets kunt laten opzoeken op de pc of online oefeningen kunt vinden voor een bepaalde stof.
  12. Geef ze bij het afvragen ook wat meer tijd om te antwoorden. Ze moeten niet alleen extra hun best doen bij het leren, maar vaak ook bij het beantwoorden van een vraag.
  13. Help deze kinderen altijd op gang en spoor veel aan. Vertel ze vaak dat het goed is dat ze al iets afhebben, in plaats van te wijzen op wat nog moet gebeuren; mopperen werkt averechts.
  14. Zorg voor afwisseling. Dus werk rood, oranje, groene taken met elkaar af, maar wissel ook vakken af. Dat houdt het langer interessant.
  15. Ezelsbruggetjes werken écht. Moet je kind suffe stellingen of jaartallen van buiten leren, probeer dan ezelsbruggetjes te maken, rijmpjes, liedjes of zoek plaatjes erbij.

 

Ik denk dat het goed is om er een aantal tips uit te pikken waarvan je het gevoel hebt dat je die meteen kunt toepassen bij jouw kind. Werkt het niet, stop er dan mee en kijk of je iets anders kunt proberen. Maar blijf vooral in gedachte houden dat als je kind zou kunnen kiezen, hij of zij ook waarschijnlijk het liefst zich goed zou willen kunnen concentreren. Voor hen is het ook verrekte onhandig, maar ja, zo functioneren ze nu eenmaal en het heeft ook zo veel leuke kanten!

Veel succes en als jij nog beproefde tips hebt; laat maar komme!

 

V

 

 

 

Comments

comments

2 reacties op “Huiswerk maken met een wiebelaar

  1. Suzan zegt:

    Pff geweldig. Precies mijn kind en ook nog een aantal schatjes in mijn eigen klas. Het lastige alleen is dat de maatschappij nog niet zo is ingespeeld op dit soort kinderen. Op het vwo is hier nauwelijks plaats voor. Zelf ben ik leerkracht van groep 8. Neem de tips mee.

    • Angelique & Petra zegt:

      En schatjes dat zijn het! Zeker niet gemakkelijk hoor, en ik ben het met je eens dat het op het VO lastig voor het kind is, maar ook voor de docent. Ik hoop dat je wat hebt aan onze tips.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *